Terugslagje

door Koen de Vries

Het is bijna drie weken na de Kustmarathon en sindsdien heb ik maar twee keer een stukje gelopen. Is dat erg? Eh, nee. Er zijn ergere dingen op de wereld. Is het jammer? Dat dan weer wel. Het was misschien wel goed geweest als ik lekker door had kunnen trainen. Om de kater van de Kustmarathon weg te kunnen spoelen. Het zat er niet in. De dinsdagmorgen na de marathon der marathons (voor deze Zeeuw althans) kon ik plotseling niet meer op m’n linkervoet staan. Flinke pijn net onder m’n wijs- en m’n middelteen. Het gekke was, bij het duwen van m’n vingers in m’n voet was er geen pijnlijke plek te ontdekken. Maar zodra ik erop ging staan: AAAUUUUUW.

Ik weet niet hoe anderen daar mee omgaan, maar ik doe dan nog een poosje of er niks aan de hand is. Met een paar stevige schoenen aan ging het ook nog wel. Woensdag was er niks veranderd, donderdag evenmin en dus stapte ik vrijdag tussen de drukke werkzaamheden voor het Kustmarathonboek door toch maar even binnen bij de dokter.

Ik dacht aan een stressfractuurtje maar de dokter vermoedde iets anders. Of ik wel eens problemen had gehad met m’n peesplaat. Verrek, dacht ik toen hij me die vraag stelde, natuurlijk. Vorig jaar op 21 december, op de korste dag van het jaar, voelde ik tijdens m’n jaarlijkse potje pingpong dat er iets scheurde. Maanden last van gehad, maar daarna nauwelijks meer. Daar zat het probleem, dacht de arts. Misschien was daar wel iets ontstoken. Hij schetste me nog wat doemscenario’s, maar daar wilde ik even niet in meegaan. En het hier ook niet over hebben. 

Met een diclofenacpleister onder m’n voetzool stapte ik de volgende morgen om zes uur in het vliegtuig naar Tenerife. Het kostte moeite om op dat zonovergoten eiland niet op m’n teenslippers te lopen. Dat geeft altijd zo’n lekker vakantiegevoel. Die pleisters, nog wat smeerseltjes en m’n aangepaste schoeisel zorgden er wel voor dat de pijn minder werd. Daar kwam helaas griep voor in de plaats. Waarom moet een mens alleen als hij op vakantie is ziek worden? Van twee dagen koorts hield ik een smerig hoestje over en dat heb ik nog steeds. En dat is naar, want het houdt mij (en anderen) ’s nachts uit de slaap.   

Twee traininkjes deed ik sinds maandag, trage tochtjes van amper vijf kwartier. Als ik ren, voelt m’n keel aan als een brievenbus waar met pijn en moeite één heel dun poststukje doorheen kan. Verder heb ik nog wel een heel eind meegelopen met Dolf Jansen, virtueel gezien dan. Ik heb eindelijk z’n lijvige boek Altijd verder uitgelezen. Opnieuw kwam ik tot de constatering dat die man net zo schrijft als hij praat, uitroepteken, toch? En dat hij een aantal van de grappen die hij in september tijdens de marathonmeeting in Veere maakte al aankondigde in zijn boek. Jansen is niet alleen een loper, hij is ook een ziener. Reeds (sorry, dat is van iemand anders). Wat hij overigens niet voorzag, is dat je anno 2012 de hulp van fysio Anton Engels ook kan inroepen als de kraan lekt. Maar dat geheel terzijde.

In de Beartrail, zaterdag door de Belgische Voerstreek, had ik mooi de frustratie van de Kustmarathon van me af kunnen lopen. Nog nooit had ik me voor een marathon zo sterk gevoeld als eind september, begin oktober. En zelden liep ik op de klassieke afstand zo beroerd. Met heel veel pijn en moeite bleef ik onder de vier uur, terwijl ik met het doel vertrok om eens lekker onder de de 3.45 te finishen. Topvorm, ideaal weer, de mooiste marathon, ik heb er allemaal niets van gemerkt. Shit dus.

Als ik zaterdag de 57 kilometer van de Beartrail volbreng, moet ik m’n handjes dichtknijpen. Een sportieve revanche op die wanvertoning op 6 oktober zit er niet in. Als het al lukt de trail te volbrengen, dan zullen m’n reisgenoten Ingrid en Anthony wel even geduld moeten betrachten voordat ze naar Zeeland terug kunnen keren.

Advertenties

10 reacties

Opgeslagen onder Nieuws

10 Reacties op “Terugslagje

  1. Harry Christiaanse

    Als ik al die verhalen zo lees is het voor veel mensen die vooraf heel veel hebben getraind en dachten optimaal aan de start te staan en records willen verbeteren toch op een teleurstelling uitgelopen. Maurice Steketee, Hans Minnaard, Peter Renrmeester en zelf Koen de Vries en waarschijnlijk nog wel een aantal hadden meer van deze marathon verwacht, allemaal goed getraind en in topvorm. Ik had zelf ook veel en hard willen trainen om een (voor mij) toptijd te willen neer zetten in de kustmarathon. Ik begon op 10 juli met de voorbereiding op deze loop, 23 juli liep ik al een hamstring blessure op die 2,5 week duurde. 12 augustus weer opgestart met een training en heb zelfs een keer 34 km meegelopen met een training over het parcours. Daarna weekje ziek. Hierna nog een week pittig getraind om te proberen wat achterstand in te halen, wat niet erg slim was. Kreeg twee weken voor de marathon een ontsteking in mijn scheenbeen en dacht weg marathon. In laatste week met wat fysio en ontstekings remmers hopen op een wondertje. 6 oktober toch aan de start met als doel hopen op uitlopen. Vrij rustig gestart en na een km of 15 liep het wel lekker. Op de veersedam kwam een groep met loper met hesje van 4.00 voorbij. Ik dacht ga een stukje mee. Ben uiteindelijk gefinisht in 3.54 met een voorbereiding die ik me anders had voorgesteld. Ik vraag mij dus af of al deze mensen niet te veel hebben getraind. Hopelijk tot 5 oktober 2013.

  2. Boudewijn

    Beste Koen,

    Het begint met ontkenning, als je er vooral niet op let bestaat het niet 🙂 en het valt allemaal toch wel mee. Daarna blijk je met de schrik vrij te zijn gekomen of dringt door dat er toch iets aan de hand is… In het tweede geval schakel ik voor wat betreft trainingen over op fietsen of, gezien de triatlon aspiraties die ik inmiddels heb, op zwemmen.
    Het recept werkt voor mij tot heden vrij goed.

    Daar hoort ook bij het tijdig bijstellen van doelstellingen. Zo had ik vandaag in Middelburg mee willen doen, helaas waren mijn spieren nog niet voldoende hersteld van de halve marathon in Amsterdam (nieuw pr). Vandaag dus weer lekker op de fiets gezeten.. Ik denk dat ik daarmee erg verstandig heb gehandeld, maar misschien zit ik er volledig naast.. Geen idee of je vandaag nog een trail hebt gelopen, maar misschien was het dan wel wijs geweest om iets anders te doen..

    @Harry Christiaanse
    Het is heel duidelijk dat je ook teveel kan trainen, waar de grens ligt? Geen idee. Dat zal voor een ieder heel persoonlijk zijn. Vast staat wel dat ik mijn beste tijden heb gelopen terwijl ik in de laatste week/weken voor het evenement voor mijn gevoel te weinig had getraind.
    Rust (al dan niet relatief) maakt volgens mij ook deel uit van een trainingsschema..

    Groet,

    Boudewijn

  3. Hoi Koen, ik dacht dat het aan mij lag. Maar ik had precies hetzelfde, 3,45 tot de Hill en dan “loopt ” het ineens niet meer. Maurice liep met de duurlopen zeer sterk, maar de marathon ging dus ook bij hem niet. Zo heb ik er veel van de duurloopgroep gezien.
    Ik denk dat ik het wel weet; 2 jaar terug de marathon gelopen in 3.52 met als instelling alleen maar uitlopen. Een week voor de loop nog licht ziek geweest en maar 1 echte lange duurloop gedaan. Zeker 3 weken weinig gedaan voor de loop, dus goed uitgerust! Al dat harde trainen is leuk voor een halve, maar toch niet voor de hele.
    Ook ik heb na de marathon een week griepverschijnselen gehad, maar dat is eigenlijk een reactie op de roofbouw die je op je lichaam gepleegd hebt.
    Zaterdag de Spruitloop van 14k gedaan, ging best wel weer lekker. Nu is de keelpijn en griepgevoel weer een beetje terug. En dat na al weer 3 weken. Misschien is het toch waar, voor ieder km een dag rust.
    Met vriendelijke sportgroet, Ruud

  4. koendevries

    Harry, Ruud en Boudewijn,

    Hardlopen is een boeiende sport, ook al omdat je eigen lichaam soms onpijlbaar is.
    Bij mij lag het in de Kustmarathon beslist niet aan ‘overtrainen’. Ik had juist wat minder kilometers gemaakt en wat meer op tempo getraind. De laatste acht dagen (vooral vanwege drukte op m;n werk) niet meer gelopen. Ik denk dat niet alleen lichamelijke, maar ook geestelijke rust heel belangrijk is voordat je een marathon gaat lopen (of iets anders).

  5. Cees van den Bulck

    Een zeer interessante discussie over de training voor de Kustmarathon. Ik denk niet, dat het probleem van teveel trainen heeft gezeten in een te groot aantal kilometers. In mijn “goede jaren”, toen ik de marathon nog binnen de drie uur kon lopen, trainde ik 8 tot 9 keer per week, met elke woensdag (Dat kon als schoolmeester!) een 30 en elke vierde week was dat een 40. Vrijwel het hele jaar trainde ik boven de 100 km. Maar….! Vrijwel altijd alleen en dus in mijn eigen tempo. Hoe goed de groepslopen voor de Kustmarathon ook geleid en begeleid worden; als je in een groep(je) loopt, loop je nooit je eigen tempo en ga je dus heel vaak te snel. Ik weet niet of je voor genoemde “gevallen” nu kunt spreken van overtraindheid, maar je orgaanstelsel en je bewegingsapparaat is er voor jou, voor jouw capaciteiten en dus voor jouw tempo en niet voor het tempo, dat je in een groep, misschien onbewust, van de anderen overneemt.
    Bovenstaande bedoel ik niet als kritiek, maar meer als een gedachte, die er bij leeft. Hierbij komt, dat ik absoluut niet kan meepraten over hoe het bij de groepstrainingen toegaat. Ik ben daar nooit bij geweest. Als daardoor bovenstaande gedachte ongefundeerd is …. Het zij zo. Dan bied ik bij voorbaat mijn excuses aan.

  6. willy

    ook in de periode van cees van den bulck zijn “goede jaren” waren er al vele lopers, die voor een marathon trainden, en daardoor tot ongeveer een maand voor de marathon supertijden liepen en op de marathon zelf overtraind waren en niet meer vooruit kwamen. ook nu bij de maandenlange wekelijkse lange duurlopen heb ik mijn bedenkingen dat dit vooral voor de hedendaagse “joggers” niet veel te veel is. ze zouden al trainingen moeten gaan doen om deze lange duurlopen goed te kunnen volbrengen, want deze lange duurlopen zijn zo’n aanslag op hun lichaam, dat ze zich dat beter kunnen besparen voor de marathon zelf. overigens ook de trainigen van cees van den bulck lijken mij wat erg veel voor zijn gelopen tijd. daar zou je op latere leeftijd lichamelijke klachten aan ove kunnen houden.

  7. Cees van den Bulck

    Dat zou je wel goed gezien kunnen hebben, Willy. Ik denk dat ik van de 53 jaren dat ik aan atletiek deed, er ongeveer in totaal 6 van kan aftrekken: alle blessureperiodes opgeteld. Nu, bijna 65 zijnde, loop ik met een versleten knie. Ook andere “onderdelen” weigeren vaak dienst. Toch heb ik er abosluut geen spijt van. In de periode 1974 – 1987 heb ik 22 marathons binnen de 3 uur gelopen, vrijwel uitsluitend door eerder genoemde trainingen, die ik meestal in mijn eentje uitvoerde. Wat ik wel heel zeker weet, is, dat ik bij al mijn marathons (in totaal 53 + 6 ultralopen) fit, fris en uitgerust aan de start stond. Ik heb dus blijkbaar steeds op tijd “getaperd”, zoals dat tegenwoorig heet.

  8. Iedere week meer dan 100 km en dan vrijwel het hele jaar door vind ik erg extreem Cees. Ik loop nu 3 jaar aan een stuk erg serieus en gemiddeld doe ik zo’n 5 trainingen per week. Heb in die periode maar één keer een week gedraaid van 110 km. Dan nog twee van 90 km met wat fietsen erbij en dat was ruim voldoende voor een tijd onder de 3 uur. Als je minder km maakt kan je meer op kwaliteit (lees: snelheid en souplesse) trainen denk ik. Nu draai ik weer weken van tussen de 50 en 80 km waarbij 80 km zo’n beetje de standaard moet gaan worden. Ik vind het wel genoeg eigenlijk en ik ga nog steeds prima vooruit.

  9. Cees van den Bulck

    Ik denk, dat ook jij gelijk hebt, Martijn. Net als Willy, die reageerde op mijn eerste verhaaltje, maar wiens reactie nu verdwenen is. Daarom staat het een beetje raar, dat mijn tweede reactie begint met “Dat zou je wel goed gezien kunnen hebben, Willy”. Maar Willy’s reactie had ongeveer dezelfde strekking als die van Martijn. Maar hoe ging het in die tijd (jaren 70 / 80)? Veel vakliteratuur had je nog niet en wij spiegelden ons aan de toppers van die tijd, die, zoals bijvoorbeeld Jos Hermens, trainingsweken draaiden van wel 300 km. Onvoorstelbaar, maar echt waar! Bij mijn 100 + trainingsweken zaten ook baantrainingen en baanwedstrijden, dus snelheid werd ook getraind. Tijden van 1.12 op de 20 km en 1.36 op de 25 km gingen toen samen met bijvoorbeeld 3000 meter in 9.14 en 1500 meter in 4.19. Maar met de inzichten van nu zou ik ongetwijfeld anders hebben getraind. Nu leeftijd en slijtage een steeds grotere rol gaan spelen, bevalt één tot twee keer fietsen en één keer zwemmen per week, naast drie bescheiden looptrainingen mij uitstekend. Ik hoop dit nog lang vol te kunnen houden. Tot slot lijkt het mij niet onverstandig om de massale groepstrainingen voor de kustmarathon nog eens tegen het licht te houden. Zie mijn eerste reactie van 30 oktober.

  10. Cees van den Bulck

    Hé, de reactie van Willy is weer terug. Nu wordt het geheel wat logischer.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s