De ervaring van een meefietser

door Martin Baten
If you want to run, run a mile. If you want to experience a different life, run a marathon.
 – Emil Zatopek –

Helaas heeft Emil de Zeeland Kustmarathon niet gekend:
– If you want to experience a different life, run Zeeland. –

Het valt op voor de landing op Schiphol, de strakke velden in keurige lijnen. Postzegels zonder kartelranden, totaal anders dan Ierland, kartelrand zonder postzegel. Beide bekoren mij eerlijk gezegd, het strakke, geregelde tegenover het doe maar, laissez faire gebeuren. Kritisch en hard tegen mezelf maar een laissez faire blik naar buiten. Eigenlijk zou ik iets meer Nederland moeten zijn in de trainingen wat ik mezelf net voor de landing beloof voor de toekomst.
Ik vaar (voorlopig) niet meer. Ik heb het gevoel dat ik nu minder te verhalen heb. Los Troncos heeft me dat ook al in mijn oor gefluisterd en hij heeft gelijk. Iedere keer als je aan boord stapt van welk schip dan ook stap je direct weer in een nieuw verhaal. Elke zeeman weet dat, alleen is het een kunst om deze verhalen goed en boeiend over te brengen. Eerlijk gezegd moet je daar ook mee oppassen zoals met ieder verhaal dat je verteld; het moet boeiend blijven en lopen. Persoonlijk ben ik bang dat ik straks over negen maanden helemaal niets meer te melden heb. Voor mij het -‘wat doe je voor werk? Iets met computers…’-syndroom. Dat klinkt als desintresse maar geef zelf toe, op een kantoor kom je stukken minder in rare, spannende, verknipte situaties als aan boord van een schip of in bijvoorbeeld een ziekenhuis. De verhalen van Marie mogen er ook wezen, geflipte patiënten zwaar onder verdoving moord en brand schreeuwend op de gangen, pikkiedonker, om er later achter te komen dat ze in het normale leven (lees zonder verdoving) totaal anders zijn, is ook aardig.
Het maakt me een beetje bang deze komende periode. Negen maanden lang college volgen, zonder echt doel, zonder inkomen en zonder verhalen. Althans dat vermoed ik. Wat kan je nou beleven op zo’n college wat de moeite waard zou zijn om te vermelden. Misschien een leuke ontmoeting met deze of gene, maar dan houdt het toch echt op. Markchaussee komt binnenkort ook weer terug van een periode op een of andere corrupt eilandje ergens in de Carieb, lekke grens bewaking. Ook eentje die binnenkort waarschijnlijk vaarwel zegt tegen zijn verhalen tijdperk. Hoe gaat hij het doen? Misschien kunnen we een praatgroep oprichten om ons er overheen te lullen. Zijn er meer van ons?

Dit alles op een rustig (behalve de trainingen dan) tempo, waarbij niets moet (behalve de training dan) en alles mag. Ik moet eerlijk toegeven dat ik het er mentaal moeilijk mee heb. Niet met de petatjes schillen hoor! Maar gewoon, je bent thuis, je collega’s werken. Ik kijk op mijn horloge en weet dan wat ze op het werk uitspoken (niet aan boord – Martin). Ik mis soms een beetje de stress van mijn werk; het werken tegen de tijd, het chaotische, het sociale contact. Ik zit daar alleen thuis te lullen tegen mijn cavia’s, maar die verrekte beesten zeggen ook niets terug.
– Mark Papanikitas, Zwart Wit –

Een Belgische ultraloper die net pro is geworden en dus loopt voor de kost. Twee voordelen voor hem; de man heeft een inkomen en cavia’s. In grote lijnen komen mijn gedachte overeen met de zijne. Ik ben bang dat ik het gevoel met de echte wereld (mijn wereld vol met bootjes) ga verliezen en straks niet meer terug kan. ‘Quatsch’ moet ik mijn innerlijk meerdere malen toeroepen. Je kan altijd terug, je gaat een opleiding volgen dus het is niet zo dat je al om tien uur ’s morgens met een bier in de hand voor de tv kan hangen. Gewoon kijken hoe het loopt en jezelf niet blijven vasthouden aan denkbeeldige halmpjes. En ik denk niet dat ik bang hoef te zijn om lui te worden, heb ik waarschijnlijk toch niet in mij. Alhoewel mijn vader wel naar die kant doorleund, wanneer steekt het bij mij de kop op? Ik weet het niet.

We zitten weer in Vlissingen, Zeeland. Ben vandaag aangekomen met mijn moeder (alweer, het moet niet gekker worden). Zaterdag gaan mijn helden van start in de negende editie van de Kustmarathon, Los Troncos (uitgenodigd) en Lalas. Ik ben de support act dit keer want ik start over een maand in de Dublin City Marathon. Dit gaat pijn doen. Ik heb er zin in maar mag niet. Alles blijkt mee te zitten deze editie, het weer, het tij en misschien voor de Troncos het startveld. Ik ben benieuwd. Vrijdag ga ik met LP (onze oude buurjongen in Vlissingen) reconnen op de fiets. Even kijken waar te wateren en te gellen (gevolgt door een enthousiaste schreeuw hier en daar). Na de finish van Los Troncos, de planning, Tour ik terug de duinen in om te Lalassen. Zijn training blijkt niet ideaal geweest te zijn en iets met medicijnen die blijkbaar 10% van zijn vermogen af knabbelen. Hopelijk kan ik iets voor hem betekennen. We gaan het zien komende zaterdag.

Mijn andere loopheld Haile is afgelopen zondag van zijn sokkel gelopen door de Keniaan Makau. Aan alles komt een einde, maar het einde is nooit mooi. In ideale omstandigheden op een prachtige morgen in Berlijn moest hij ineens de zijlijn opzoeken om over te geven. Wel doorgegaan maar acht kilometer later echt op gegeven. De ene zijn dood…Prachtig gelopen door Makau, ‘pakken en passen!’ Nieuw WR 02:03:38. Gaan we oude meester ooit nog een keer terugzien of is dit echt het einde?

Zo gaat het nu altijd met mij. Toen we met mijn bootje voorbij de kust van Albanië pruttelde enkele jaren geleden, kon ik ooit eens een keer een volledige CL wedstrijd van Ajax ontvangen, compleet met Albanees commentaar. En wat denk je? Niet om aan te zien, ik wenste dat ik het nooit gezien had. Alles wat ik support, langs de lijn, live op tv of in een stadion, blijkt altijd te sterven in het niets. Jinxed? Waarschijnlijk wel. Liegen werkt niet, dat weten ‘ze’ op de een of andere manier. Of kies ik altijd voor de underdog? Zit ook een kern in, geijkte winaars zijn meestal super saai. Amstrong – boring, Phelps – boring, Senna – boring, The Herminator – een van de uitzonderingen (ze zijn er zeker). Los Troncos leest dit na de race, hij weet het tot nu nog niet, dat van dat jinxed.

Vrijdag dus heerlijk parcours verkennen in een rit van 120 km met een oversteek over de Zeeland brug erin, een grote wens van mij. Ietwat teveel voor de rokende LP maar een fantastische dag. Vanaf de Pijlerdam goed verkennen waar te staan met water en gelletjes. De hitte is frapant, 23/24 graden en geen zuchtje te bekennen. Morgen dito, klote. Fietsend is het redelijk te doen maar met de loopschoenen aan, ik weet het niet. Negatief verband, met dit mooie (antiloop) weer waarschijnlijk wel meer mensen langs het parcours en drukker op het stukje naaktstrand. Prachtig die meestal oude opgedroogde lijven, even aanzetten om de misselijkheid te bestrijden. Laat in de middag, als mijn ros op stal is gezet ontmoeten we elkaar voor de ‘pasta’ partij. Lalas in de piepzak, Los Troncos vol moed. Lalas met zonlicht, net een nat vloeitje. Rusten en morgen gewoon zien waar het schip strand.

Net een foto man, als ik de gordijnen open doe. De blaadjes strak aan de twijgjes, bewegen ze wel? Rond deze tijd van het jaar zouden ze als een gek ventje te keer moeten gaan, maar niks hoor. Beetje arctische zeerook maar met een goede straal van de zon zal die direct optrekken. Strak blauw, geen wolkje, mannen succes. Rond negen uur nemen we afscheid van de heren lopers en om tien komt het peleton ‘zuipers’ mij ophalen, LP met maat Ten Dam. Gisteravond hebben zij in een dranksessie afscheid van hullie loper genomen, iets met verdriet en baco’s zo stel ik me voor. Ik wou dat ik nog jong was, dacht ik eerst maar na een paar fikse trappen, toch wel fijn dat oud worden. De jongens fietsten in ieder geval dapper door, als de wiedeweerga richting Pijlerdam. Een uur voor de start in Burgh-Haamstede staan wij in positie op de dam een beetje te koeien en kalveren om de tijd te verdrijven. Rond 12:30 moet de eerste groep (hopende groepje Los Troncos natuurlijk) zo een beetje wel langskomen. Rekening houdend met de lange Zeeuwse 15 seconden bezinningstijd uiteraard. In de verte doemt er een colonne op; organisatie pick-up, motoren en een plukje lopers, stuk of 15 schat ik in. Als ze de dam opdraaien zie ik het blauw witte tenue van de man Los Troncos. Hij zit erbij, nog moeilijk te zeggen hoe hij er voor staat, we zitten nog maar zeven kilometer in de race. Alle favo’s zitten erin. De pagina van de PZC over blikvangers en outsiders van M.Steketee goed bestudeerd en even de naambordjes aan de gezichten plakken. Alleen Papa M pak  ik er direct uit vanwege de witte handschoenen. Ik jump op de fiets en begin aan mijn dagtaak als verzorger en morele ondersteuner, alhoewel ik geen flauw benul heb hoe je iemand door zoiets kan heen lullen, ik doe maar wat. Kilometers dam hebben de mannen nodig om een breuk te forceren, Los Troncos moet langzaam lossen ter hoogte van Neeltje. Gezicht staat niet goed, een wegwerp gebaar zegt genoeg. Voor de Veerse dam wisselen we een woordje, ‘ik stap eruit…’, oppert hij. Shit denk ik, ik vind dit wel aardig dat meefietsen (komt trouwens helemaal niet goed uit voor de promotie van het boek), een leuke taak. Maar zijn gezicht spreekt boekdelen, het doet pijn om het te zien. Opgelaten en met een naar gevoel in mijn lijf neem ik afscheid en speer ik hem van Vrouwepolder richting Oost Kapelle. Ik bel voor de zekerheid even naar de dames op de dijk of hij door is gegaan. La Tronca meldt mij dat hij even een rustpose heeft genomen maar vervolgens toch weer door is gegaan. Het vertrouwen is weer een beetje terug. Nummer één Rik W en Remy V (nummer drie op dat moment) zien er goed uit maar het is een slagveld geweest op het strand, dit is geen lopen meer. Het groene pak met witte tipjes zie ik de duinen afdenderen terwijl Los Troncos er voor blijkt te zitten uit het zicht achter een nolletje. Ineens komt hij eraan in zevende positie als ik me niet vergis en de loop ziet er nog redelijk goed uit. Dat wordt een finisher, sterker nog een goede klassering want een paar voor hem kun je makkelijk aftikken, die zijn zo goed als gebakken. Ik leef helemaal op, ik weet dat hij zo sterk als een beer is, hij kan dit. In euforie stemming, vliegend op de fiets, bel ik het resultaat door aan de ladies. In het bos zeg ik nog even tegen hem dat Mark P voor hem zit en klaar is voor het stiefel en blok, weer een plaats in de pocket. Het voelt alsof ik de race zelf loop, het levert genoeg adrenaline om de hele wereld aan vlokken te slaan. Als een speer richting Domburg. Net voor de golfbaan knal ik het duin op. Zelfde laken een pak, nummer één tip top en nummer drie ook, zelfde twee lopers. Dan op zesde positie doemt Los Troncos op. Ik heb wat omstanders ingelicht over de man. Er zal godverdomme gejuichd worden. Dan, aan het einde van de trap die door de lopers bedwongen moet worden, zie ik zijn hoofd eerst en zie eigenlijk direct dat het klaar is; hij stopt. Wat zeg je op zo’n moment? Niets maar dan ook niets kan helpen als het lichaam niet meer kan en wil. Papa M strompelt dan voorbij en gebaart dat hij mee moet, top gebaar blijkt, van (ultra)loper tot loper. Dat motiveert beter dan een beduusde fietser die niet in de loop zit en zeker niet bekend is met de pijn van mannen in de voorhoede. Dit is meer dan een strijd tegen je eigen lichaam, hier wordt natuurlijk ook gestreden tegen concurrenten (en collega’s) want positie is belangrijk, iets waar ik niet in zit (geen talent). Los Troncos twijfelt en gaat uiteindelijk mee. Samen, samen, hoop ik gezeten op de fiets, neem die hand aan. De opgang na de golfbaan pik ik nog mee, dan zit hij alweer voor Papa M. Weer naar beneden. Dan ergens tussen Domburg en West Kapelle zit een overgang waar je met de fiets op kan. Even een colletje buiten categorie meepakken. Toevallig ontmoet ik daar het peleton weer: ‘Waar is ie?’, ‘komt eraan, maar luctor et emergo-end, compleet in de Zeeuwse spirit.’ Ik kijk het pad af en zie zijn rode petje. Dan zie ik de handen friemelen aan het startnummer, de speldjes gaan eruit. Einde oefening. Het zegt genoeg, er gaat een schok door mij heen. ‘Het gaat echt niet meer…’ De laatste aanmoedigingen voor Papa M, hij ‘knalt’ dapper door. Van binnen bedank ik hem voor het mooie gebaar, prachtig om dat te mogen zien. Ik zeg maar niets, alles wat ik nu overbreng is waardeloos, dit moet je zelf maar oplossen. Persoonlijk vind ik dat hij als een beest gelopen heeft, zeker gezien zijn positie. Toch na Neeltje eigen race gedraaid, niet wakker liggen van de lossing. Te warm, geen energie, what ever, shit happens. Het is moeilijk om te strijden tegen de elementen, knap klote om daar een inschatting over te maken. Ik bel met La Tronca en meld het bericht. Tevens hoor ik dat Lalas al in auto zit. ‘2:10 over 17 kilometer, forget about it!’ Ik blijf nog even op den diek bij de echte buren. Los Troncos is met mijn fiets naar Zoutelande gefietst om daar om te kleden. We delen onze voorraad water en andere dranken uit aan willekeurigen. Een ware dodenmars, getekende gezichten, lopend, hardlopend, joggend, struikelend, zwabberend met maar één doel voor ogen, de hand van Lein Lievense, eind marathon, de extra zwaarste van Nederland.

Ik mag de man niet zo maar af en toe komt er nog wel iets goeds uit:

Pain is temporary. Quitting lasts forever.
– Lance Armstrong –
Martin Baten

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Lezersreacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s